Is er een alternatief voor Rutte IV?

Cartoon door Marc-Jan Janssen
Het tot stand komen van een regering Rutte IV vertoont alle sporen van een toenemende macht van de totalitaire staat. Schaamteloos laat de staat zijn democratische masker vallen en vertoont zijn machtswellustige grijnslach. Na het aftreden van de regering Rutte III, regeerde ze door als ‘demissionair kabinet’. Na de verkiezingen maakten de winnende partijen totaal geen haast bij het vormen van een nieuwe regering. De oude regering zat er immers nog en regeerde door zonder dat het parlement daar invloed op had. Het parlement voelt zich best comfortabel om geen invloed te hebben, want het is niet deze zogenaamde volksvertegenwoordiging die regeert. Zoals een oude informele politieke regel zegt, “de regering regeert”. De Kamer dient als ‘gekozen volksvertegenwoordiging’ alleen als politieke legitimatie van het beleid. Regelmatig vallen kamerleden elkaar voor de tv-camera’s in de haren om de democratische illusie in stand te houden. “Regeert dan de regering”? Dat is niet het geval. De toeslagenaffaire laat zien dat niet de regering regeert, maar het staatsapparaat, de ambtenaren, kortom de bureaucratie die alle machtsmiddelen waarover zij beschikt gebruikt om haar eigen persoonlijke belangen te behartigen. De minister, zo zagen we al bij de opeenvolgende schandalen op het Ministerie van Justitie, is het uithangbord van het ministerie. De ambtenaren trekken aan de koorden van de pop die de minister is. Als de minister moet gaan, blijven de ambtenaren om de volgende minister te bespelen. Rutte is de glad pratende opperstalmeester van de circusshow die dagelijks wordt opgevoerd voor het ‘volk’’. Het aanblijven van de hoofdrolspeler Rutte laat zien wat er terecht zal komen van de beloofde ‘nieuwe bestuurscultuur’: niets, tot geruststelling van de bureaucratie. De bureaucratie behartigt zo haar eigen belangen. Maar het zijn andere en veel grotere belangen die de overhand hebben in de staat, de politiek, de economie: al ruim honderd jaar overheersen monopolistische multinationale ondernemingen de maatschappij en de staat die volgens idealistische opvattingen de maatschappij zou moeten vertegenwoordigen. Dat is zo in de eigenlijke staat, de ministeries, het leger en de politie. Ook in de staatsorganisaties er omheen overwegen grotere belangen, in het lobby-circuit, waar men poldert, overlegt, waarin de belangen van de sterkste kapitaalgroepen het winnen van de zwakkere kapitalen. Daar worden sinds de jaren 1980 systematisch de belangen vertrapt van de weerloze mensen die geen kapitaal hebben waarvan ze kunnen leven, en die daarom moeten rondkomen van een salaris of een uitkering.  Deze werknemers en uitkeringsgerechtigden, voorheen arbeiders en proletariërs genoemd, zijn tot nu toe weerloos gebleken tegen de aanvallen op lonen, op arbeidsvoorwaarden, tegen het opdrijven van de werkdruk, tegen het verlagen van uitkeringen, tegen het afbreken van ouderenzorg, gezondheidszorg, jeugdzorg, onderwijs. In de opleving van arbeidersstrijd in de jaren 1960 en 1970, werden de ondernemers door vaak wilde stakingen (buiten de door de staat erkende tamme vakbonden van FNV en CNV) gedwongen de lonen te verhogen en automatische prijscompensatie  toe te staan. Regeringen bouwden de ‘verzorgingsstaat’ uit om de illusie van bestaanszekerheid binnen het kapitalisme te versterken. Eind jaren zeventig vond het kapitaal een antwoord:
  • bovengenoemde afbraak van de zorg, onderwijs en sociale voorzieningen;
  • digitaliseren van dienstverlening, automatiseren en verplaatsen van de productie naar lage loon-landen, met name in Azië.
Bij teruglopende werkgelegenheid worden stakingen riskanter, wat te zien is aan het drastisch teruglopende aantal ‘verloren arbeidsdagen’. Daarmee verloor de ‘erkende’ vakbeweging haar functie voor de staat om arbeidsconflicten te beperken en in te dammen. En de zogenaamde arbeiderspartijen PvdA en CPN waren niet meer nodig om de ‘verzorgingsstaat’ voor te stellen als beschermer van arbeiders die zich ‘gematigd’ en ‘democratisch’ opstelden.  De CPN ging op in Groen Links, een partij die net als de PvdA bewezen heeft het ‘neo-liberalisme’  te steunen als ze maar de kans krijgt op ministersposten, wethouderszetels of tenminste wat bestuursfuncties. De ultralinkse SP, als ‘radicale’ aanhangsel van de erkende vakbeweging en de zogenaamde arbeiderspartijen werd van stalinistisch/maoïstische ‘aksie’-club eveneens tot een bestuurderspartij. Thuisloze trotskisten vissen via fractievorming binnen de SP naar elementen die terugverlangen naar de schijnradikale beginjaren van de SP. Zoals het er naar uitziet, vissen ze achter het net. De ‘neo-liberale’ politiek heeft ter vervanging van de overbodig geworden links-burgerlijke oppositie’ binnen de staat, zelf een uiterst rechtse oppositie voortgebracht. Van Pim Fortuin, via Wilders tot Baudet zijn nieuwe Leiders opgestaan die ‘eigen volk eerst’ schreeuwen en vreemdelingenhaat zaaien. Dat komt uitstekend van pas om het verlies aan arbeidsplaatsen en de afbraak van de ‘verzorgingsstaat’ te wijten aan ‘allochtonen’. Binnen de rechts-populistische  gelederen wordt onder democratische vlag fascistisch addergebroed gekweekt dat altijd van pas komt als het gevaar waartegen alle democraten een front moeten vormen … met de ‘democratische’ kapitalistische krachten. Het gevaar van het fascisme komt – zo blijkt uit de geschiedenis, van Duitsland 1918-1933, Italië 1918 – 1922, Spanje 1936-1937 – diezelfde kapitalistische krachten van pas om revolutionaire arbeiders neer te slaan. Overigens vervult het links-populisme binnen bijvoorbeeld de SP dezelfde functie van verdeling van de arbeidersklasse in ‘autochtonen’ en ‘allochtonen’. Deze officiële staatstermen van 1971 tot ± 2016 verraden een diepgeworteld racisme uit de koloniale periode, dat sturend is gebleken in het beleid van bijvoorbeeld de Belastingdienst en het COA. De Corona-crisis heeft de situatie verder op de spits gedreven. De staat en het monopoliekapitaal – zowel het oude zoals Pfizer en Shell, als het nieuwe zoals Amazon en Google – hebben nog meer macht en door de arbeiders geproduceerde rijkdom naar zich toe getrokken. ‘Onze’ uitbuiters en onderdrukkers beweren nog steeds dat zij de gevaren kunnen indammen die de mensheid bedreigen in de vorm van klimaatcrises, viruspandemieën, dreigende economische ineenstorting, oprukkend oorlogsgevaar. Maar steeds meer arbeiders voelen aan dat kapitaal en staat de oorzaak van het probleem zijn. Met de erkende vakbeweging en de linkse partijen die zogenaamd voor de arbeiders opkomen, maar het ‘overleg’ en parlementair ‘werk’ voorop stellen, hebben ze slechte ervaringen. De vooral electorale alternatieven van rechts spreken niet echt arbeiderskwesties aan, maar baseren hun demagogie op abstractie principes zoals ‘vrijheid’ en ‘volk’.  Er zijn wel degelijk kansen voor een proletarisch-revolutionaire strijd tegen kapitaal en staat door de eenheid van de arbeiders op basis van hun klassebelangen op korte en lange termijn:
  • tegen de verdeling in werkenden en nog niet (scholieren en studenten) of niet meer werkenden (werklozen en gepensioneerden).
  • tegen de verdeling van de arbeidersklasse naar ras, cultuur, godsdienst, paspoort, sector, soort arbeidscontract of uitkering.
  • maak de staat verantwoordelijk en dwing eisen in het belang van arbeiders af van de staat, zonder verantwoording te nemen voor de politiek van de staat.
  • zoek solidariteit door eisen te stellen die ook in het belang zijn van andere arbeiders.
  • hou elke strijd in eigen handen door in arbeidersbijeenkomsten alle besluiten te nemen, het werken via vertegenwoordigers en onderhandelaars zoveel mogelijk te beperken en als deze onvermijdelijk zijn aan te stellen op basis van een welomschreven mandaat en permanente herkiesbaarheid.
  • vorm groepen van revolutionaire communisten op basis van deze standpunten die met propaganda en agitatie deelnemen aan de arbeidersstrijd.
  • alle macht aan de arbeidersraden, de bedrijven in handen van de arbeiders, het bedrijfsleven in dienst van de bevrediging van maatschappelijke behoeften en bestuurd door de raden op basis van het arbeidsuur in plaats van geld.
Arbeidersstemmen, 15-12-2021
Is er een alternatief voor Rutte IV?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s